‘Mijn vriendin heeft de 2 namen voor haar dochters zelf verzonnen en het is gewoon gênant’
‘Ik weet dat iedereen zijn kinderen mag noemen zoals hij wil. Echt waar, ik vind dat oprecht. Maar soms… soms slaat iemand zo hard de plank mis dat je je afvraagt of er niet ergens een soort namenkeuringsdienst zou moeten bestaan.
Mijn beste vriendin — laten we haar Laura noemen — heeft onlangs haar tweede dochter gekregen. En hoewel ik zielsveel van haar houd, moet ik één ding eerlijk toegeven: haar dochters hebben de meest gênante, merkwaardig verzonnen namen die ik ooit heb gehoord.
De eerste klap: Zyllivienne
Toen haar eerste dochter werd geboren, verwachtte ik iets liefs, iets tijdloos. Misschien een Emma, Noor, of iets dat in elk geval in een mensenhart past.
Maar nee.
“Ze heet Zyllivienne,” zei Laura trots, alsof ze een prachtvondst had gedaan.
Ik verstijfde. Zyllivienne. Ik wist niet of ik moest feliciteren of condoleren. Het klonk alsof iemand “Sylvie” en “Vivienne” in een blender had gegooid en op turbo had gedrukt.
Iedere keer als ik de naam uit moest spreken bij verjaardagen of op schoolpleinen, voelde ik me alsof ik auditie deed voor een fantasyfilm. Alsof er elk moment een draak kon opduiken die dezelfde naam droeg.
Maar goed, één rare naam… dat kan gebeuren. Misschien een bevlieging. Misschien zwangerschapsmist.
Ik had beter moeten weten.
De tweede klap: Maelurina
Toen baby nummer twee eraan kwam, hoopte ik uit de grond van mijn hart dat Laura intussen tot inkeer was gekomen. Een tweede kans! Een herkansing!
Maar zodra ze het geboortekaartje stuurde, wist ik dat mijn hoop tevergeefs was geweest.
Het meisje heet Maeluina.
MAE-LU-I-NA.
Ik las het drie keer, in verschillende lichtomstandigheden, om zeker te zijn dat mijn ogen me niet voor de gek hielden. Mijn vriend vroeg zelfs of het misschien de naam was van een skincare-serie of een nieuw type wasmiddel.
Mijn innerlijke strijd
Begrijp me niet verkeerd: Laura is een geweldige moeder. Maar ik vraag me soms af of haar creativiteit niet beter in een hobby had gepast waarin geen kinderen voor de rest van hun leven mee hoeven rond te lopen.
Iedere keer als we samen in het park zitten en iemand vraagt:
“Hoe heten jouw dochters?” krijg ik kortsluiting.
Laura zegt hun namen altijd zó zelfverzekerd dat ik er bijna in ga geloven dat ik degene ben met een probleem. En ondertussen zie ik de wenkbrauwen van omstanders iedere keer een fractie van een centimeter stijgen.
Is het mijn plek?
Ik zou het haar nooit rechtstreeks zeggen — vriendschap is me te dierbaar — maar ik kan niet ontkennen dat ik het soms gênant vind. En dat ik bang ben dat Zyllivienne en Maeluina later op school continu moeten spellen, uitleggen en corrigeren.
Misschien valt het mee. Misschien groeien de namen met hen mee. Misschien lachen we er later samen om. En we noemen Mae eigenlijk altijd gewoon Mae, dus. Die afkorting werkt prima. En Zyll heet dus ook afgekort iets makkelijkers. Dat helpt.
Maar stiekem… vraag ik me af:
Waarom?