‘Is het erg om op mijn enige mamadag mijn kind op de sportschool een uur naar de crèche te brengen?’

26.03.2026 13:36

‘Ik zit met schuldgevoelens. Ik ben maar 1 dag per week echt met mijn peuter thuis, de andere vier dagen werk ik. En dan is hij bij opa en oma en de opvang. En nu wil ik eigenlijk op die woensdag zelf even een uur sporten.

De sportschool biedt gewoon opvang aan, daar dus. Dus dat zou betekenen dat ik een uur kan trainen en hij daar een uurtje speelt op de opvang bij de sportschool. Is dat erg? Moet ik niet gewoon de hele dag met hem doorbrengen?

Ik weet het nu even niet, maar ik voel me er wel rot over. Toch is het ongeveer het enige moment in de week dat ik even kan sporten en die beweging is ook goed voor me. Maar toch schaam ik me er bijna voor.

Want die ene dag is “van ons”, toch? Zo voelt het in ieder geval. Alsof ik die uren moet benutten, moet vullen met samen zijn, omdat ik de rest van de week al zoveel mis door mijn werk. Alsof ik iets moet inhalen wat zich eigenlijk niet laat inhalen.

Maar tegelijk weet ik ook: dit is ongeveer het enige moment waarop ik kan sporten. En ik merk aan alles dat ik het nodig heb. Niet alleen fysiek, maar ook mentaal. Even bewegen, mijn hoofd leegmaken, iets doen wat alleen van mij is.

De sportschool maakt het praktisch gezien makkelijk. Ze hebben opvang. Ik zou hem gewoon mee kunnen nemen. Hij speelt daar een uurtje, ik train, en daarna zijn we weer samen. Het is geen groot drama. Tenminste, dat zou het niet moeten zijn.

Maar zo voelt het dus niet.

Kan ik mijn kind meenemen naar de sportschool?

Het voelt alsof ik hem “weer ergens breng”. Alsof ik kies voor mezelf op een moment dat eigenlijk van hem zou moeten zijn. En dat wringt.

Tegelijkertijd vraag ik me af waar dat idee vandaan komt. Dat een hele dag volledig in het teken van mijn kind moet staan om waardevol te zijn. Alsof elk uur dat ik niet direct met hem bezig ben, verloren tijd is.

Als ik eerlijk ben, weet ik dat dat niet klopt.

Want hoe ziet zo’n dag er echt uit? We spelen, we eten samen, we gaan naar buiten, we knuffelen, we hebben onze momenten. Maar er zijn ook momenten waarop hij zelf speelt. Waarop ik even koffie drink. Waarop het allemaal wat rustiger kabbelt.

Dat ene uur sporten — is dat dan echt zo anders?

Misschien zit het probleem niet in dat uur, maar in het verhaal dat ik mezelf daarover vertel.

Schuldgevoelens

Dat ik tekortschiet.
Dat het niet genoeg is.
Dat ik moet kiezen.

Maar wat als dat niet waar is?

Wat als ik na dat sporten juist een leukere ouder ben? Meer energie heb, meer geduld, meer zin om echt met hem te spelen in plaats van half moe op de bank te hangen?

Wat als hij dat uur helemaal prima vindt? Misschien zelfs leuk — een andere plek, ander speelgoed, andere kinderen.

En wat als ik hem daarmee ook iets laat zien? Dat het oké is om voor jezelf te zorgen. Dat je niet volledig hoeft te verdwijnen in het zorgen voor een ander.

Ik merk dat het schuldgevoel niet meteen weggaat als ik zo denk. Het blijft een beetje hangen, ergens op de achtergrond. Maar het wordt wel zachter… Ik ben ook maar een mens, toch?’